Vegan ‘chorizo’ seitan

De vraag der vragen blijft natuurlijk ‘of je worst lust?’. En het antwoord daarop is uiteraard ja. En hoewel je best wel prima nepworst kunt kopen is zelf maken natuurlijk altijd beter. En welke worst is er nu beter om na te maken dat een lekker pittige Spaanse chorizo: rood, heet en lekker stevig! Als basis voor de worst gebruik ik in dit recept seitan, toch wel hetgeen wat de structuur van vlees vrij goed benadert. Goed gekruid en met wat rijst en maïzena voor de stevigheid plus sojasaus voor de umamismaak levert dan deze heerlijke vegan chorizo op. Ik at de chorizo samen met een lekkere coucoussalade met paprika, zongedroogde tomaat, gegrilde courgette en wat rozijnen; afgetopt met wat munt en pijnboompitten en geserveerd met heerlijke muhammara.

Ingrediënten voor 8 worstjes

  • 320 g tarwegluten
  • 500 ml water
  • 2 el edelgistvlokken
  • 1 el maïzena
  • 1 el gerookt paprikapoeder
  • 2 tl cayennepeper
  • 1 el komijn
  • 1 el oregano
  • 1 el venkelzaad
  • 2 tl knoflookpoeder
  • 3 el gekookte zilvervliesrijst
  • 3 el sojasaus
  • 2 el olijfolie
  • 1 el tomatenpuree

Benodigdheden

  • Twee kommen (een voor de droge, een voor de natte ingrediënten
  • Stoommandje en pan met kokend water
  • Grillijzer/grillpan/koekenpan
  • Olijfolie

Bereiding

Mix de tomatenpuree, olijfolie en de sojasaus met het water in de ene kom en mix de rest van de ingrediënten in de andere kom. Voeg nu de natte ingrediënten bij de droge en kneed tot een deeg. Verdeel het deeg in 8 porties en rol in de vorm van een worst.

Doe de worsten in het stoommandje en zet op de pan met kokend water. Laat deze vervolgens voor 30 minuten stomen, terwijl je de worsten halverwege omdraait. Als je geen stoommandje hebt kun je ook een vergiet gebruiken. Let er dan wel op dat deze niet smelt op de pan.

Laat de worsten vervolgens eerst afkoelen. Als ze afgekoeld zijn smeer ze dan in met wat olijfolie en grill ze voor zo’n 5 minuten aan beide kanten. Eet smakelijk!

Pasta met bonenballen & waarom ik (bijna volledig) veganistisch eet

Tijdens deze nationale week zonder vlees stond ik weer even stil bij het feit dat ik in de afgelopen 3 jaar geleidelijk van minder vlees, thuis geen vlees, helemaal geen vlees, geen vis, minder zuivel en eieren naar bijna volledig vegan ben gegaan in mijn eetpatroon. Deze weg van geleidelijkheid werkte voor mij perfect omdat ik zo absoluut niet in de verleiding ben gekomen om een stap terug te gaan, omdat er niks off-limits was. En zo kan ik 100% zeggen dat ik nooit in de verleiding kom om wel vlees of vis te eten en zelfs kaas mis ik absoluut niet. Hieronder de reden waarom ik mijn eetpatroon veranderde en waarom dit voor mij zo makkelijk ging. Hopelijk geeft dit wat inspiratie en leidt het ertoe dat jullie ook een keertje een maaltijd zonder vlees eten, een lasagne of pizza zonder kaas eet of helemaal overstapt op een vegetarisch of zelfs veganistisch voedingspatroon. En uiteraard ook nog een lekker recept voor pasta met vegan ‘gehaktballen’ als beloning, om maar te laten zien dat eten zonder dierlijke producten net zo lekker is als met. Want uiteindelijk is het enige argument voor het eten van vlees de smaak, en heerlijke gerechten – dat heb ik wel geleerd – zijn er meer dan genoeg zonder vlees, vis, zuivel en eieren.

De start

Het exact moment dat ik minder vlees ging eten weet ik niet meer. Maar de eerste motivatie kwam vooral door het effect van de vleesproductie op het milieu. En hoewel ik als tiener altijd riep dat ik nooit vegetariër zou kunnen zijn en enorm van vlees hield, ging me dit enorm makkelijk af. Ik merkte dat ik creatiever werd met koken en waar ik eerst vlees gewoonweg schrapte uit gerechten (pasta zonder gehakt, een vleesloze curry) begon ik gaandeweg meer te lezen over voeding en het te vervangen met peulvruchten (bonen, kikkerwten en linzen eet ik letterlijk elke dag), noten en combineerde dit met volkoren granen om een compleet aminozuurprofiel binnen te krijgen. Uiteindelijk at ik hierdoor helemaal geen vlees meer thuis en ook buitenshuis at ik vaker vegetarisch. Ik ben alleen niet zo van half werk, en een harde grens werkte beter, dus ging ik zo’n 2 jaar geleden over naar helemaal geen vlees meer. De reden dat dit even duurde was vooral dat je het idee hebt mensen tot last te zijn doordat ze met jou rekening moeten houden.

Van vega naar (bijna volledig) vegan

Vegetarisch beviel erg goed en gaandeweg besefte ik me dat met het argument ‘vlees is slecht voor het milieu’ wel raar was dat ik nog wel vis at, melk dronk en vooral kaas at. Hoewel de CO2 uitstoot van vis fors lager is dan van vlees en dit gezonder is dan vlees, is zowel kweekvis (antibiotica, uitputting van de zeebodem) als gevangen vis (sleepnetten die de bodem omwoelen, overbevissing, bijvangst) ook niet echt lekker voor de omgeving te noemen. Daarnaast is de CO2 uitstoot van de productie van kaas hoger dan dat van kippenvlees. Ook kwam ik er gaandeweg wel achter dat alle dieren in de bio-industrie op zijn zachtst gezegd niet het allerleukste leven hadden en – erg belangrijk – erg intelligente dieren zijn met een rijk gevoelsleven (met name varkens en koeien). En dit geldt niet alleen voor de dieren die geslacht worden, maar ook voor de dieren die gehouden worden voor hun melk en eieren, om maar te zwijgen over de jonge haantjes die zonder pardon door de shredder gaan en het feit dat kalfjes meteen na de geboorte bij hun moeder weg worden gehaald. Dit was eerst voor mij een beetje een “ik eet geen paard, want ze zijn zo schattig”-argument, maar is uiteraard een legitieme reden om hier zuivel en eieren voor af te zweren. Lees ook dit erg sterke stuk van Rutger Bregman wat deze redenen duidelijk samenvat: “Hierdoor werd ik in één klap vegetariër (en jij misschien ook)”

Zo verving ik mijn melk door soja- en amandelmelk, gebruikte ik geen eieren meer en leerde ik dat je die ook in baksels makkelijk kan vervangen en at ik steeds meer veganistisch. En wederom merkte ik dat juist door dierlijke producten niet meer te gebruiken ik steeds creatiever werd tijdens het koken, ik gevarieerder en gezonder ging eten en vooral dat mensen om me heen ook enthousiast hiervan werden. Uit alles blijkt dat mensen overtuigen puur op basis van argumenten als milieu, dierenleed en gezondheid niet werkt (tenminste bij een groot deel niet, bij mij dus wel), maar dat mensen overhalen met heerlijke gerechten die volledig plantaardig zijn wel. Daarnaast heeft een plantaardig dieet (mits voornamelijk bestaand uit verse ingrediënten en minder bewerkte producten) ook nog eens veel gezondheidsvoordelen heeft, ook in de preventie van enorm veel (ouderdoms)ziektes. Hoewel dit voor mij – misschien verrassend – geen hoofdreden is om veganistisch te eten, is het natuurlijk enorm mooi meegenomen.

Dan zijn er natuurlijk altijd de standaardvragen ‘hoe kom je aan je eiwitten?’, ‘kom je niks tekort’ en ‘maar mis je dan nooit kaas?’ en die kan ik beantwoorden met ‘lekker veel peulvruchten, noten en volkoren granen’ (die sowieso in elk voedingspatroon horen te zitten), ‘nee, als je gevarieerd eet kom je niks te kort, alleen B12 hoef je bij te slikken’ en ‘nee’. Daarnaast slik ik wel extra supplementen, met name ijzer, maar dat heeft meer te maken met mijn fanatieke sporten dan met mijn vega(n) dieet. En dan rest nog de reden waarom het ‘bijna volledig’ vegan is en dat is dezelfde reden waarom ik eerder niet volledig vegetarisch at. Mensen niet tot last willen zijn, omdat jij zo nodig veganistisch wil eten, het feit dat veel restaurants geen vegan opties hebben en de sterke behoefte aan een lekker stuk Tony’s chocolonely donkere melk pretzel toffee op zijn tijd. Maar wie weet maak ik de stap om volledig veganistisch te eten nog wel. Voor nu voelt dit prima en probeer ik op deze manier bij te dragen aan een duurzamere wereld, want – om het cliché maar te gebruiken – een betere wereld begint bij jezelf. En hoewel het bijna onmogelijk is om alles goed te doen qua voeding, consumptie in het algemeen, vlieg(reizen) en plasticgebruik, geloof ik dat elke kleine stap een stap in de goede richting is. Als iedereen een kleine stap neemt leidt dit namelijk wel degelijk tot grote veranderingen! Hopelijk draagt het volgende recept voor pasta met vegan ‘gehaktballen’ daar een beetje aan bij!

Ingrediënten voor 4 personen

Bonenballen
  • 2 blikken kidneybonen
  • 3 teentjes knoflook, fijngesneden
  • 2 sjalotjes, fijngesneden
  • 1 blikje tomatenpuree
  • 50 g havermout
  • 50 g champignons, fijngesneden
  • 50 g zonnebloempitten
  • 1 tl sojasaus
  • 2 tl gedroogde oregano
  • 1 tl gedroogde basilicum
  • peper en zout
Saus
  • 400 g gepeld tomaten uit blik
  • 4 rijpe tomaten, in grove stukken
  • 1 grote ui, fijngesneden
  • 4 teentjes knoflook, fijngesneden
  • 3 el verse of gedroogde Italiaanse kruiden (tijm, oregano, basilicum)
  • 2 el balsamicoazijn
  • peper en zout
Pasta & garnering

Benodigdheden

  • Kookpan
  • Koekenpan
  • Grote kom
  • Olie om in te bakken
  • Blender/staafmixer/keukenmachine
  • Oven

Bereiding

Giet de kidneybonen af en prak ze fijn in een grote kom. Fruit ondertussen de sjalotjes in wat olie en voeg daarna de knoflook  en de champignons toe en bak voor 2 minuutjes. Voeg dit toe aan de geprakte bonen samen met de kruiden, tomatenpuree, sojasaus en de havermout. Maal de zonnebloempitten fijn door deze in een keukenmachine of blender te doen (of met de staafmixer) en doe dit bij het bonenmengel. Voeg naar smaak peper en zout toe en kneed tot een stevig mengsel. Rol hier 12 – 15 balletjes en leg deze op wat bakpapier in een voorverwarmde oven van 180 graden voor 15 minuten.

Kook ondertussen de spaghetti volgens de aanwijzingen op de verpakking en fruit de ui. Voeg daarna de knoflook, de (verse) kruiden en de tomaten toe (zowel de verse als die uit blik). Roer goed door en laat een halfuur pruttelen zodat de saus wat dikker wordt. Voeg op het laatst de balsamicoazijn toe en breng op smaak met wat zout en peper.

Serveer de door de saus over de spaghetti heen te gieten, de bonenballen er op te leggen en te garneren met edelgist of vegan parmezaanse kaas en wat verse basilicum. Eet smakelijk!

 

Linzenburger met srirachamayonaise

Morgen begint de nationale week zonder vlees, altijd goed die initiatieven om mensen bewuster te maken van de impact van vlees. Vooral zonder opgeheven vingertje laten zien dat je vrij gemakkelijk zonder vlees heel lekker kan eten, want uiteindelijk is het enige argument om wél vlees te eten de smaak. En smaak, dat kan ook zonder vlees, en zelfs zonder vis, zuivel en eieren. En er is nu eenmaal niemand die nee kan zeggen tegen een goede burger, daarom dus dit recept voor een heerlijke linzenburger met srirachamayonaise. De smaak van vlees zelf namaken blijft lastig (al zijn er zeker vleesvervangers die behoorlijk dicht in de buurt komen), maar een goede vega(n) burger met bite, textuur en een rijke smaak is altijd genieten. Zeker met lekker pittige srirachamayonaise, avocado en tomaat op een bedje van frisse sla. En als je de moeite niet wil doen, koop dan iets uit het enorme aanbod van vleesvervangers, ook lekker én in de bonus komende week! Want hoe lekker je vlees ook vindt, een dagje zonder zou iedereen moeten kunnen. Beter voor het milieu, dieren(welzijn) en jezelf. Friet is ook lekker, maar dat eet je ook niet elke dag. Dus maak deze burger (of uiteraard een ander gerecht zonder vlees) en doe ook mee aan de nationale week zonder vlees! Of zoals Arjen Lubach het treffend verwoordt: team iets minder vlees!

Ingrediënten voor 4 flinke burgers

Burger
  • 200 g ongekookte linzen
  • 50 g rozijnen
  • 150 g havermout
  • 75 g walnoten
  • 2 el ketchup
  • 2 tl komijn
  • 2 tl paprikapoeder
Srirachamayonaise
  • 2 tl citroensap
  • 1 el srirachasaus (of een andere hete saus)
  • 5 el (vegan) mayonaise (bijvoorbeeld Remia mayolijn)
Broodje en toppings
  • 4 broodjes naar keuze
  • Sla
  • 4 tomaten
  • 2 avocado’s
  • 4 sjalotjes

Benodigdheden

  • Staafmixer
  • Koekenpan

Bereiding

Kook de linzen 25 minuten en maak ondertussen de mayonaise door alle ingrediënten goed met elkaar te mengen. Giet de linzen vervolgens af en meng met de havermout, mix kort met de staafmixer en laat 5 – 10 minuten staan zodat de havermout het vocht van de linzen opneemt. Voeg dan de rozijnen en fijngehakte walnoten toe samen met de kruiden en de ketchup. Mix wederom kort met de staafmixer en verdeel in vieren. Kneed hier burgers van en bak kort in wat olie in de pan samen met de in ringen gesneden sjalotjes.

Serveer vervolgens door het onderste deel van het broodje te beleggen met de sla, avocado, tomaat, de linzenburger, de srirachamayonaise en de gebakken sjalottenringen. Doe daarop het bovenste deel van het broodje en eet smakelijk!

Vegan club sandwich

Meer eten maak je me altijd blij mee, dus 3 boterhammen op elkaar is dan ook beter dan een simpele besmeerde boterham. Vandaar dit recept voor een club sandwich, een toren van drie boterhammen met daartussen vegan kipfilet, avocado, sla, tomaat en radijs.

Ingrediënten

  • 3 sneetjes volkorenbrood
  • 4 plakjes (vegan) kipfilet (ik gebruikte Quorn chicken free slices
  • Hummus
  • 1 tomaat, in plakjes gesneden
  • 4 radijsjes, in plakjes gesneden
  • Veldsla
  • 1 avocado
  • 2 tl limoensap
  • peper

Benodigdheden

  • Satéprikker

Bereiding

Pureer de avocado en meng met het citroensap en wat peper. Besmeer vervolgens de onderste boterham en de onderkant van de middelste boterham met hummus. Doe hiertussen de veldsla en de tomaat. Smeer daarna de avacadopuree op de middelste boterham en leg daarop de vegan kipfilet en de plakes radijsjes. Doe het laatste sneetje brood erbovenop en prik de satéprikker er in, eventueel met daarop nog een radijsje, olijf, augurk en/of een cherrytomaat. Eet smakelijk!

Vegan quiche met broccoli en zongedroogde tomaat

Quiche zonder ei, maar met eiwitten? Dat kan gewoon! Hier een recept voor de lente met een simpel zelf te maken bodem en een vulling op basis van cashewnoten. Daarnaast is de quiche lekker hartig met broccoli en zongedroogde tomaat. Het vraagt wel wat voorbereiding omdat de cashewnoten van tevoren moeten weken, maar door dit in kokend water te doen duurt dit al een stuk minder lang.

Ingrediënten voor 4 personen

Bodem
  • 175 g volkorenmeel
  • 1 tl zout
  • 3 el olijfolie
  • 70 ml water
Vulling
  • 250 g cashewnoten (~10 uur geweekt in water, of 2 uur in kokend water)
  • 500 g broccoli
  • ~15 zongedroogde tomaten
  • 250 ml water
  • 1 el edelgistvlokken
  • 2 teentjes knoflook
  • 2 el citroensap
  • 1 el verse oregano
  • 1 el verse tijm
  • 2 tl kurkuma
  • 1 tl kala namak (optioneel)
  • 1/2 tl cayennepeper
  • 1/2 tl nootmuskaat
  • Zout en peper naar smaak

Benodigdheden

  • Taartblik met een diameter van 20 cm
  • Bakpapier
  • Blender/keukenmachine

Bereiding

Verwarm de oven voor op 180 graden. Mix het volkorenmeel met het zout, de olijfolie en het water en kneed tot een deeg. Doe bakpapier in het taartblik en bekleed de bodem en de randen van het taartblik vervolgens met het deeg. Bak deze vervolgens voor 15 minuten in de oven.

Snijd roosjes van de broccoli en stoom of kook ze voor zo’n 7-8 minuten terwijl de bodem in de oven staat.

Doe dan de geweekte cashewnoten, de knoflook, het citroensap, de edelgist en de nootmuskaat en de cayennepeper in de blender/keukenmachine en mix tot een glad mengsel. Het moet ongeveer de consistentie van hummus hebben. Voeg daarna de verse kruiden en het zout en de peper toe en roer ook de zongedroogde tomaten er doorheen.

Verspreid de vulling nu over de bodem en druk hier de broccoliroosjes in, zodat ze bijna volledig ondergedompeld zijn. Bak vervolgens de quiche voor 20-30 minuten in de oven, afhankelijk van hoe stevig je de quiche wil hebben. Laat de quiche daarna even afkoelen alvorens deze te snijden. Eet smakelijk!

 

Linzen-boekweitsalade met citroendressing

Met dit lenteweer denk je natuurlijk maar aan een ding: linzen! Alhoewel lente en linzen wel lekker allitereren is dat misschien toch niet de meest logische associatie. Echter is deze salade door de frisse dressing op basis van citroen toch een heerlijk lente-achtig (waarom kun je wel zomers of winters zeggen, maar geen lentes?) bijgerecht of als goedgevulde maaltijdsalade. Daarnaast word ik altijd blij van linzen. Een weetje over mezelf, voordat ik ooit ook maar een linze (ja dat is het enkelvoud) had gegeten, had ik op de een of andere manier het idee dat ik ze enorm lekker vond. En dat bleek ook zo te zijn, daarom stop ik ze dan ook in heel veel gerechten, van goedgevulde soepen tot een veganistische variant op bolgonesesaus. Daarnaast zijn er weinig groenten te bedenken die een hogere dichtheid aan voedingsstoffen hebben. Een goede bron van onder andere van koolhydraten, eiwitten, vezels, vitamine B1, B6 en B11 en ijzer, mangaan en fosfor. Kortom, geen reden om deze salade niet te eten!

Ingrediënten voor 4 – 6 personen

Dressing
  • 2 teentjes knoflook, fijngeperst
  • 60 ml citroensap (ongeveer 2 medium citroenen)
  • 1 tl mosterd
  • 1 tl agavesiroop/esdoornsiroop/honing
  • 1 el olijfolie
  • 1/4 tl zout
  • Gemalen peper, naar smaak
Salade
  • 500 g gekookte linzen (zelfgekookt of uit blik)
  • 225 g boekweit (of een ander (pseudo-)graan, zoals bulgur, quinoa of couscous)
  • 1 blik kikkererwten (~240 gram)
  • 5 radijsjes, in dunne plakjes gesneden
  • Fijngesneden verse dille en munt, ongeveer 4 eetlepels
  • 100 g verse spinazie, fijngesneden
  • Cherrytomaatjes, gehalveerd

Bereiding

Kook de boekweit volgens de aanwijzingen op de verpakking en spoel na het koken even af met koud water. Mix de ingrediënten voor de dressing in een kleine kom. Doe in een grote kom alle ingrediënten voor de salade en giet hier de dressing overheen. Mix de salade dan nog even goed om de dressing te verspreiden. Laat voor de beste smaak een uurtje staan voor het serveren. Eet smakelijk!

Seitan saté

Er gaat geen dag voorbij dat ik geen pindakaas eet, ze zijn ieder geval op zijn minst bijzonder zeldzaam. Er gaat elke ochtend een flinke lepel door mijn havermout, ik eet het als tussendoortje op rijstwafels, als snack met gedroogde dadels of vijgen en natuurlijk op brood. Bij het avondeten is de beste manier om het te eten uiteraard in de vorm van satésaus en hoe kun je daar beter van genieten dan met satéstokjes. Ik heb deze al eerder gemaakt van gemarineerde tempeh en jackfruit, maar laatst at ik in Utrecht bij Waku Waku bijzonder lekkere satéstokjes op basis van Seitan. Vandaar hier een recept voor seitan (een prima vleesvervanger qua structuur en smaak op basis van tarwegluten) met zelfgemaakte satésaus. Heerlijk om te combineren met zilvervliesrijst, sperzieboontjes, wortel en paprika.

Seitan

  • 280 g tarwegluten
  • 360 ml groentebouillon
  • 2 el sojasaus
  • 4 el (100%) pindakaas
  • 2 el edelgist
  • 1 el gerookt paprikapoeder
  • 1 tl gemberpoeder
  • 1 tl uienpoeder
  • 2 teentjes knoflook, geperst

Satésaus

  • 5 goedgevulde el (100%) pindakaas
  • 500 ml kokosmelk
  • 3 el ketjap manis
  • 2 tl komijnpoeder
  • 2 tl gemalen korianderzaad
  • 2 tl sambal
  • 1 sjalotje
  • 2 teentjes knoflook, fijngesneden
  • 1 cm gember, fijngesneden
  • Olie

Benodigdheden

  • Oven
  • Overschaal bekleed met bakpapier
  • Grillijzer of grillpan
  • Satéprikkers
  • Pan voor de satésaus

Bereid de bouillon en laat deze afkoelen. Verwarm intussen de oven voor op 180 graden. Meng na het afkoelen de bouillon met de overige ingrediënten voor de seitan behalve de tarwegluten. Voeg daarna de gluten toe en kneed tot een deeg. Rol het deeg vervolgens uit tot een dikte van zo’n 3 – 4 cm en leg deze in de ovenschaal en zet deze 30 minuten in de oven. Draai de seitan halverwege nog even om.

Haal de seitan uit de oven en snijd deze in blokjes en prik deze op de satéprikkers om er satéstokjes van te maken. Grill ze vervolgens zo’n 10 minuten in de grillpan of onder het grillijzer, terwijl je ze af en toe omdraait. Maak ondertussen de satésaus door eerst de sjalotjes, knoflook en de gember te fruiten in wat olie en vervolgens de kokosmelk en pindakaas toe te voegen. Roer goed door tijdens het verwarmen zodat de satésaus niet aankoekt en de pindakaas goed mengt. Als de satésaus ingedikt is voeg je ketjap, sambal en de kruiden toe. Roer nog een keer goed door en serveer de satéstokjes met de satésaus.

Eet smakelijk!

 

 

Vegan Mac ‘n’ Cheese

Gisteren vond de Superbowl plaats en hoewel me dit niet heel veel kan schelen roept dat uiteraard wel de behoefte aan Amerikaans comfortfood op. Bij mij wel in ieder geval. En een van de klassieke Amerikaanse comfortfoods is natuurlijk Mac ‘n’ Cheese, oftewel macaroni verdronken in een vette kaassaus. Typisch Amerikaans en dat is typisch ook niet heel gezond of voedzaam en zeker niet veganistisch. Daarom dit recept waar de kaas vervangen wordt door een saus op basis van pompoen en cashewnoten met edelgistvlokken (ook bekend als nutritional yeast) voor een subtiele kaassmaak. Dit maakt het niet alleen gezonder, maar gecombineerd met wat kidneybonen, spinazie en volkoren pasta, ook erg voedzaam. De combinatie van peulvruchten en volkoren granen zorgt ervoor dat je goed zit qua eiwitten, terwijl de edelgist, spinazie en pompoen zorgen voor een enorme hoeveelheid aan B, C en A vitamines, en ijzer. En dan hebben we ook nog wat pompoenpitten voor wat extra mineralen en onverzadigde vetten. Comfortfood en een volwaardige maaltijd, wat wil je nog meer?

Ingrediënten voor 4 personen

  • 500 g pompoen in blokjes gesneden
  • 120 g ongezouten cashewnoten (4 uur geweekt in koud water of 1 uur in kokend water)
  • 1 blik kidneybonen
  • 80 ml plantaardige melk
  • 300 g (volkoren) macaroni
  • 60 g edelgist (= 12 el = 3/4 cup)
  • 1 el (gerookt) paprikapoeder
  • 1 el cayennepeper
  • 1 el kurkuma
  • Snufje zout
  • 4 teentjes knoflook (of meer als je daarvan houdt, ik deed er 8 teentjes in)
  • 120 g verse spinazie
  • Een handje pompoenpitten
  • Verse basilicum
  • Optioneel: rode paprika of cherrytomaatjes voor wat extra frisheid

Benodigdheden

  • Oven en ovenschaal
  • Pan om pompoenpitten te roosteren
  • Blender/keukenmachine/staafmixer

Bereiding

Verwarm de oven voor op 180 graden en doe de pompoenstukjes in een ovenschaal. Zet deze zo’n 40 minuten in de over tot ze gaar zijn. Zet daarna de oven nog niet uit! Ondertussen kook je de macaroni volgens de instructies op de verpakking.  Als de pompoen gaar is giet je de cashewnoten af en doe ze samen met 400g van de pompoen, de melk, edelgist, cayennepeper, kurkuma, paprikapoeder, knoflook en het snufje zout in de blender. Meng vervolgens tot een romige saus.

Meng de saus met de macaroni, de resterende pompoenstukjes en de kidneybonen. Zet dit nog een kwartiertje in een ovenschaal in de oven. Rooster dan de pompoenpitten en als het kwartier voorbij is mix je de spinazie door de Mac ‘n’ Cheese en garneer met de verse basilicum en geroosterde pompoenpitten.

Wil je dit recept een stuk sneller op tafel hebben staan, kook dan de pompoen voor 5 minuten en serveer direct na het mixen van de saus met de macaroni. Je mist dan die grillsmaak, maar het scheelt je wel ruim een halfuur!

Eet smakelijk!

 

 

Witte bonen-rijst-pecannotenburger

Ik ben een groot fan van homemade burgers en die kun je van vrijwel alles maken. Meestal is het hoofdbestandsdeel peulvruchten en dat is voor dit recept niet anders. De combinatie van bonen, rijst en noten zorgt niet alleen voor een stevige structuur (bij sommige recepten zorgt het gebrek hieraan nog al eens voor een iets te smeuïge burger), maar resulteert ook in een compleet eiwitprofiel. En daarnaast zijn ze ook nog enorm lekker! Ook zijn ze enorm makkelijk te maken.

Ingrediënten voor 10 flinke burgers

  • 500 gram witte bonen
  • 250 gram zilvervliesrijst
  • 100 gram pecannoten
  • 60 gram havermout
  • 2 blikjes tomatenpuree
  • 1 el ras el hanout
  • 2 tl gerookt paprikapoeder
  • 1 ui
  • 4 teentjes knoflook

Bereiding

Kook de rijst volgens de aanwijzingen op de verpakking. Snij ondertussen de ui en de teentjes knoflook fijn en doe deze in een kom met de uitgelekte bonen, de pecannoten, de havermout, de blikjes tomatenpuree en de kruiden. Voeg hier ook de gekookte rijst aan toe en pureer alles met een staafmixer. Vorm dan de burgers en bak deze aan beiden kanten. Eet smakelijk!

 

 

Vegan frambozentaart

Als je jarig bent dan is het tijd voor taart! Daarom dit recept voor een frambozen ‘kwark’-taart. Met agar agar in plaats van gelatine en soja- of kokosyoghurt in plaats van kwark. Agar agar is een polysacharide die gewonnen wordt uit algen en net zoals gelatine (wat dan weer uit eiwitten bestaat) een gel vormt en het is gewoon te koop in de supermarkt!

Het recept is voor een bakblik van 20 cm.

Ingrediënten

  • 300 gram ontpitte dadels
  • 300 gram ongezouten amandelen
  • 2 tl gesmolten kokosolie
  • 400 gram soja- of kokosyoghurt
  • 175 gram bevroren of verse frambozen
  • 1.5 el agave- of ahornsiroop
  • 150 ml water
  • 5 gram agar agar
  • Verse frambozen voor garnering

Bereiding

Mix de frambozen en yoghurt met de agavesiroop in een blender of met een staafmixer en giet over in een kom. Maal vervolgens de amandelen fijn met een blender/staafmixer/keukenmachine en voeg dan de ontpitte dadels en de gesmolten kokosolie toe. Als je geen keukenmachine hebt kun je de dadels fijnsneden en mixen met de amandelen en kokosolie en kneden tot een deeg. Bekleed vervolgens het bakblik met bakpapier en verdeel het amandel-dadeldeeg over de bodem. Druk dit goed aan en zet het bakblik vast in de koelkast.

Neem dan een klein pannetje en verwarm daarin het water. Voeg dan de agar agar toe en blijf goed roeren terwijl het mengsel kookt. Na een paar minuten wordt het dikker en onstaan er bubbels, als dit gebeurt laat het dan ongeveer 2 minuten afkoelen en voeg de frambozen-yoghurt toe. Roer goed door en giet dit dan in het bakblik over de bodem.

Zet de taart nu zeker 2 uur in de koelkast en serveer dan met de verse frambozen, eet smakelijk!